een nobele missie

als je eenmaal besmet bent met het caribische virus, raak je het moeilijk weer kwijt

Peter van Haasen

Een onverwachte reis door het Koninkrijk
Na de verkiezingen van 2023 kwam ik – totaal onverwacht – in de Tweede Kamer terecht. Voor ik het wist, kreeg ik namens mijn partij de portefeuille Koninkrijksrelaties. Dat ging over het contact tussen Nederland en de zes eilanden in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Eerlijk gezegd wist ik daar toen nog nauwelijks iets van.

In de maanden die volgden, dook ik steeds dieper in de wereld van het Koninkrijk. En hoe meer ik leerde, hoe meer ik me verbaasde – en soms zelfs een beetje schaamde – over hoe weinig wij in Europees Nederland eigenlijk weten over die andere helft van ons Koninkrijk. Om me goed in te lezen, begon ik met het teruglezen van oude Kamerdebatten. Al snel kwam ik een verwijzing tegen naar iets wat “het Statuut” heette. Ik had er nog nooit van gehoord. Toen ik uitzocht wat het was, ontdekte ik dat ik er zelfs de eed op had afgelegd toen ik Kamerlid werd — samen met die op de Grondwet. Dat gold trouwens voor bijna al mijn collega’s: bijna niemand wist echt wat het Statuut precies inhield. En dat terwijl het de basis vormt van hoe Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten samenwerken binnen het Koninkrijk.

In 2024 bestond het Statuut zeventig jaar, en daardoor kwam het gelukkig weer even onder de aandacht — al vooral bij mensen die er al iets van wisten. Toch blijft het vreemd dat zo’n belangrijk document nooit echt een vaste plek heeft gekregen in ons onderwijs.

Tijdens een werkbezoek aan Curaçao in 2024 ontmoette ik mevrouw Lucille George-Wout, de toenmalige gouverneur van het eiland. Ze sprak met trots en warmte over het Statuut, dat op dat moment bijna 70 jaar bestond. Ik vroeg haar wat ze ervan vond dat het in Nederland zo onbekend is.

Ze glimlachte en zei: “Meneer Van Haasen, aan ú de schone taak om dat te verbeteren.”

Die woorden zijn me altijd bijgebleven, en waar het mij gegeven is, probeer ik deze missie ten uitvoer te brengen. In mijn hoedanigheid als voorzitter van de Kunstcommissie van de Tweede Kamer was ik betrokken bij de tentoonstelling in het Kamergebouw ter gelegenheid van het 70-jarig jubileum van het Statuut.
Als volgende stap besloot ik deze website te maken — om meer mensen kennis te laten maken met het Statuut en met het Caribische deel van ons Koninkrijk. Want pas als we elkaar echt leren kennen, kunnen we elkaar ook beter begrijpen.
Na de verkiezingen van 2025 nam ik afscheid van de Tweede Kamer. Dat biedt mij nu de gelegenheid om mijn ervaringen te delen — onder meer in de vorm van gastlessen en lezingen bij onderwijs- en culturele instellingen — over het Statuut, de Caribische eilanden en mijn periode als woordvoerder Koninkrijksrelaties.